nl | fr | en

Onderzoek immunotherapie

De immunotherapie 

Het Olivia Hendrickx Research Fund ontwikkelt een nieuwe therapie voor patiënten met een bepaald soort kwaadaardige hersentumor, het maligne glioma, met name de immunotherapie.
Deze tumor komt helaas ook veel voor bij kinderen. Bij volwassenen is deze tumor zelfs de meest frequent voorkomende tumor. Jaarlijks wordt deze tumor gevonden bij ongeveer 4 per 100000 volwassenen.
De persoonlijke en maatschappelijke gevolgen van deze tumor zijn bijzonder groot.
Het leven van de patiënt verandert zeer abrupt. Niet alleen is er de intensieve therapie (neurochirurgische ingreep, radiotherapie gecombineerd met en gevolgd door chemotherapie) maar ook veelal nood aan hulpverlening door neurologische problemen.
De genezingskansen zijn in feite afwezig, omdat de tumor steeds terugkeert.

Hoe werkt de immunotherapie?

Prof dr. Stefaan Van Gool leidt de ontwikkelingen toepassing van de immunotherapie in KU Leuven.
De immunotherapie stimuleert het afweersysteem tegen de tumor en probeert zo controle te bekomen over zijn ongecontroleerde groei.
Het vaccin wordt gemaakt van enerzijds de tumor van de patiënt en anderzijds de witte bloedcellen. Voor elke patiënt worden dus vaccins op maat gemaakt. Eerst wordt via een operatie de tumor zoveel mogelijk weggehaald.
Na de ingreep, waarbij op het weefsel de diagnose wordt gesteld, krijgt de patiënt een zogenaamde leukaferese waarbij heel wat witte bloedcellen worden verzameld. Nadien wordt het vaccin aangemaakt en toegepast via inspuitingen bij de patiënt.

Prof Stefaan Van Gool is gestart met de toepassing van deze innovatieve therapie in studieverband bij patiënten met een herval van een maligne glioma, dus bij patiënten die eigenlijk al alle standaard behandelingen gekregen hadden en bij wie de toekomst uitzichtloos was op korte termijn. Ondertussen heeft hij reeds meer dan 150 patiënten op deze wijze behandeld.
Sommige van de patiënten leven nu nog steeds zonder tumor na de toediening van het vaccin. Het bewijs dat het vaccin werkt.
In de strategie om stapsgewijsde werkzaamheid van de vaccinatietherapie te verbeteren, werd er gesleuteld aan het schema van toedienen. Na twee publicaties over onze eerste ervaringen in medische wetenschappelijke tijdschriften in 2004 werden in 2008 de ervaringen met de eerste drie groepen patiënten gepubliceerd.
Bij de vierde groep patiënten werd een extra stimulatie van de cellen ingebouwd in de vaccinatiestrategie, en ziet men reeds een verbetering van de ziektevrije overlevingscurve.

Sinds enkele jaren wordt het vaccin ook toegepast in combinatie met de klassieke therapieën, bij de patiënten die voor het eerst de diagnose van maligne hersentumor te horen krijgen.
Na de ingreep, waarbij op het weefsel de diagnose wordt gesteld, krijgt de patiënt een zogenaamde leukaferese. Nadien wordt radiochemotherapie toegediend gedurende meerdere weken. Vervolgens krijgt de patiënt 4 wekelijkse vaccinaties. Tenslotte krijgt de patiënt een onderhoudschemotherapie van 5 dagen medicatie per 28 dagen, met op dag 8 een vaccinatie. Dat is dus een vrij complexe behandeling, waarbij neurochirurgen, radiotherapeuten en medische oncologen in de verschillende ziekenhuizen en de immuuntherapeuten in UZ Leuven heel gestroomlijnd moeten samenwerken rond een patiënt.
Dit behandelingsprotocol is intussen afgewerkt, en we zien duidelijk welk profiel van patiënten een verbeterde overleving hebben na toevoegen van het vaccin.
De verplichte volgende stap in de wetenschappelijke ontwikkeling en implementatie als standaardtherapie in het gezondheidssysteem is een dubbel blinde gerandomiseerde klinische studie waarbij de helft van de patiënten het vaccin zullen krijgen zoals hierboven beschreven. De patiënten die het vaccin niet zullen krijgen (de controle arm) zullen het vaccin na 6 maanden onderhoudschemotherapie dan toch nog krijgen, opdat zo alle patiënten uiteindelijk de 4 therapiemodaliteiten bekomen, met name neurochirurgie, radiochemotherapie, chemotherapie en immuuntherapie.

Door de goede samenwerking tussen de andere universitaire en niet-universitaire oncologische centra en UZ Leuven is het mogelijk om de tumor vaccinatie als therapie te implementeren zodat alle patiënten waar ze ook behandeld worden, toegang zouden kunnen krijgen tot deze innovatieve therapie.

Imuunotherapie ook voor andere tumoren.

De immunotherapie is tevens toepasbaar voor andere tumoren.
Deze techniek werd recent goedgekeurd door de ethische commissie om toegepast te mogen worden bij patiënten met een bijzondere vorm van baarmoederkanker. De eerste experimentele toepassingen gingen van start in de loop van 2010, en enkele patiënten werden reeds in deze studie geïncludeerd.
Het protocol voor de aanvullende behandeling bij patiënten met hoogrisico nierkanker na operatie wordt in het najaar van 2010 ingediend bij de ethische commissie, en we hopen ook snel van start te kunnen gaan met de behandeling van patiënten met nierkanker.
Tenslotte verlopen de voorbereidingen voor een behandelingsprotocol voor patiënten met alvleesklierkanker goed. Het betreft hier een heel moeilijk te behandelen tumor, en het protocol moet dan ook omzichtig opgesteld worden.

Meer info kan je vinden op de website van Prof. Dt. Stefaan Van Gool www.itpl.be